Bestuurders HU/Uni zetten Uithof weer op de kaart
Collegevoorzitters Geri Bonhof (Hogeschool Utrecht) en Yvonne van Rooy (Universiteit Utrecht) hebben afgelopen zes jaar vorm gegeven aan Utrecht als studentenstad. Samen proberen ze de gemeente en provincie te overtuigen van het belang van hun instellingen.

Bonhof (rechts) en Van Rooy zetten de Hogeschool en Universiteit weer op de kaart
“Toen ik aantrad moest ik mij en de Hogeschool overal en altijd voorstellen,” zegt Geri Bonhof. “Nu is dat wel anders. Er is een besef dat wat er op de Uithof gebeurt, belangrijk is. Ik geloof best dat dat mede dankzij mij komt.” Van Rooy: “Zes jaar geleden was de blik van de stad alleen maar gericht op Leidsche Rijn. Utrecht Oost zat helemaal op slot. Dat is nu helemaal gekanteld, terecht. De Uithof is een enorm werkgebied voor Utrecht, dat hebben wij duidelijk gemaakt. Er werken hier alleen al 20.000 mensen. Dat groeit en móet zich ook verder ontwikkelen.”
Bonhof: “Over vijf jaar hoop ik dat de stad aantrekkelijker is voor studenten. Niet alleen voor de Nederlandse studenten, maar vooral ook voor buitenlandse studenten. Het schort hem vooral in de huisvesting die de stad biedt.” Van Rooy ziet nog wel meer problemen rondom de internationalisering. “In de komende jaren zal het Utrecht Science Park (De Uithof) verder uitbreiden, ook met internationale bedrijven die hier komen vanwege het onderzoektalent dat wij opleiden. Ik hoop dat er over vijf jaar dan ook eindelijk een internationale school is. Daar heeft de gemeente ook een studie naar gedaan, maar het moet wel worden omgezet in concrete acties, anders heb je er niets aan.”
Efficient de boel regelen
Niet alleen bij de gemeente en provincie, maar ok internationaal proberen de twee collegevoorzitters De Uithof op de kaart te zetten. Regelmatig gaan de twee mee op handelsmissies. Samen reisden ze onder andere mee naar China en Hong Kong en naar India, waar ze elkaar ook op persoonlijk vlak beter leren kennen.
Als er één iets is waar Yvonne van Rooy niet van houdt, dan zijn het wel lange afspraken. “Bijvoorbeeld vergaderingen. Trouwens ook niet van lange diners. Als ik zelf gastvrouw ben, dan is het áltijd vroeg afgelopen. Dat vinden mensen namelijk prettig. Op die manier hebben ze thuis ook nog wat aan de avond. Na twee uur met elkaar aan de tafel te hebben gezeten, heb je zo’n beetje alles wel besproken. Een uur extra voegt niets toe, behalve dat je hele avond er weer aan op gaat.” Bonhof: “Maar als je met Yvonne eet, is er best wel ruimte voor gezelligheid hoor. Alleen je hoeft het van mij ook niet ontzettend uit te rekken. We denken daar hetzelfde over. Uiteindelijk wil je tijd overhouden voor andere dingen.”
Hoeveel uur per week Bonhof werkt, weet ze niet. “Ik hou dat niet bij. Dat doe je niet als je plezier hebt in je werk. Als iemand roept ‘ik werk 60 uur per week’, dan denk ik, daar zou ik deze week ook wel eens aan komen.” Van Rooy: “Ja, dat is geen kunst, alsmaar werken, werken, weken. Waar ik bewondering voor heb, zijn mensen die met relatief weinig inzet heel veel kunnen bereiken.” Bonhof: “Uiteindelijk zoek je toch naar een balans tussen je werk en je privéleven.” “Het enige wat ik jammer vind van deze functie is weinig vrije tijd. “Het is altijd zoeken naar die balans tussen werk, familie, vrienden en hobbies.”
Machtige bestuursvrouwen
Volgens maandblad Opzij is Yvonne van Rooy de eennamachtigste vrouw in het Nederlandse onderwijs. Op nummer vier staat Geri Bonhof. Beide hebben meegemaakt hoe het is om als vrouw carrière te maken.
Van Rooy: “Ik denk dat er in sommige situaties nog zeker wel sprake is van glazenplafond, ook bij deze universiteit. Als er er ergens alleen mannen in de top zitten, dan blijft het lastig voor een vrouw om door te breken.” Bonhof: “Dat zit ook in die vrouwen zelf. Als je iets wil bereiken, dan moet je op een gegeven moment je hand op steken en zeggen: hier ben ik en ik wil graag verder met mijn carrière. Vrouwen hebben daar soms een zetje voor nodig. Als ik zo’n vrouw zie, dan geef ik wel dat zetje.”
Van Rooy: “Ik snap het wel dat een vrouw een stap terug doet als een kind geboren wordt, maar hier stimuleer ik dan ook dat die man ook een stapje terug doen. In ieder geval één dag minder werken. Dat is ook leuk voor die vaders, en de kinderen. Maar ik vind het treurig dat die vrouwen vervolgens in die kleine deeltijdbanen blijven. Het is geweldige verspilling van talent.”
Beladen vraag
Dan stelt de interviewer een beladen vraag. Is uw uiterlijk belangrijk? Van Rooy reageert fel. “Ik weet niet of u die vraag zou stellen als u een man interviewde. Het is een beetje ouderwets om vrouwen zo te benaderen. U bent van een jonge generatie die daar meer gelijkwaardig tegenover zou moeten staan. Het is nogal een tikkeltje traditioneel, als u dat ingesleten beeld heeft dat je vrouwen anders moet benaderen dan mannen.”
Bonhof: “Mannen hebben het veel makkelijker, met een pak en stropdas. Als vrouwelijke leider of bestuurder zoek je een vorm waar je je lekker in voelt. Er wordt als vrouw meer op je uiterlijk gelet, omdat er minder vrouwelijke bestuurder zijn. Plots is uiterlijk dan wel een issue. Het moet een keer ophouden. Ik vind het leuk om aandacht te besteden aan mijn kleding. Punt.”
PASPOORT
Geri Bonhof (1954) is sinds 2003 voorzitter van het College van Bestuur van de Hogeschool Utrecht en vice-voorzitter van de HBO Raad. Voorheen zat ze in het bestuur van de Hogeschool van Amsterdam en was ze lid van de Onderwijsraad. Bonhof is gehuwd en heeft geen kinderen.
Yvonne van Rooy (1951) is sinds 2004 voorzitter van de Universiteit Utrecht. In 1984 was ze twee jaar lid Europees Parlement en daarna CDA staatssecretaris van Economische Zaken in het tweede en derde kabinet Lubbers. Van Rooy is ongehuwd en heeft geen kinderen.







No Comments Yet